Publicaties

Verslag Meetlat vergadering 18 april 2005

Bijeenkomst Werkgroep Meetlat

Datum: 14 april

Tijd: 10.00-16.00

Locatie: Amersfoort

Aanwezig: Ben van de Burgwal (voorzitter), Nelleke de Bruin (ondersteuning vanuit de VSO),

Peter Scheltinga, Imke Wittebrood, Lucienne Berenschot, Cees Otto, Hans Leys, Arent de Haan, Wieke Bertina, Age Stinissen, Ed Ritzerfeld, Egbert Edelmann (bij bespreking van de Benchmark VNG), Eric Verklaar (bij bespreking van de Benchmark VGS) en Marc van Acht (bij bespreking van Datavos).

Afwezig: Simon Arndt heeft zich afgemeld wegens gezondheidsredenen

 

  1. Voorstelrondje

 

Ben meldt dat Cindy van Soest, Bas Oudehengel, Maarten van Es de werkgroep Meetlat hebben verlaten. Marc van Acht zit niet langer in het VSO bestuur en Bert Hofstede is zijn opvolger en neemt het van hem over. Bert Hofstede is hoofd O&S van de gemeente Hengelo en zal 1 keer per jaar bij een bijeenkomst aanwezig zijn, mede omdat zijn collega Peter Scheltinga al in de werkgroep is vertegenwoordigd.

Alle Meetlatleden stellen zich kort voor. Ed Ritzerfeld (gemeente Sittard-Geleen), Lucienne Berenschot (gemeente Apeldoorn), Age Stinissen (gemeente Groningen), Peter Scheltinga (gemeente Hengelo), Arent de Haan (I&O research Enschede), Nelleke de Bruin (VSO en kcgs), Hans Leijs (Sociaal Geografisch Bureau Dordrecht), Wieke Bertina (gemeente Leiden) Kees Otto (gemeente Haarlem), Imke Wittebrood (gemeente Lelystad) en Ben van de Burgwal (gemeente Amersfoort).

 

2. Taakverdeling Meetlat

Ieder is akkoord met de voorgestelde taakverdeling.

3. Actualisering Meetlat & Benchmark VNG

 

Ieder Meetlatlid gaat per werkveld zijn/haar hoofdstuk in het handboek actualiseren. Ben past hoofdstuk 1 aan van het handboek. Als ieder zijn hoofdstuk heeft aangepast, stuurt hij het naar Nelleke (nelleke.de.bruin@kcgs.nl). Zij zorgt er ook voor dat iedereen de WORD versie van handboek krijgt. Daarnaast moet iedereen hetzelfde format hanteren voor het aanleveren van gegevens. Nelleke stuurt het format aan alle werkgroepleden.

 

Per hoofdstuk van het handboek wordt gekeken:

o         Welke informatie vernieuwd moet/kan worden in de komende maanden?

o         Welke informatie niet meer interessant is en niet langer bijgehouden wordt?

o         Welke informatie ontbreekt op dit beleidsterrein dat interessant is voor Meetlat?

 

Bevolking

o         Bevolkingssamenstelling: Wieke heeft de cijfers van de eerste 7 onderwerpen over de bevolkingssamenstelling per 1-1-2004 van het CBS al gedaan.

o         Dit betekent dat Peter alleen de laatste drie nog moet doen:vruchtbaarheid, bevolkingsgroei en bevolkingsprognose. Er wordt getwijfeld aan de juistheid van de ABF Primos prognose. In het Handboek worden 3 modellen opgenomen (ABF, CBS, VSO), later kan dan een keuze gemaakt worden welke het meest betrouwbaar is.

 

Peter mist het aantal huishoudens. Peter doet een voorstel hierover. Wieke meldt dat het interessant is om nog een andere leeftijdsgroep op te nemen, zoals het aandeel jongeren.

 

Wonen

Zie voor de indicatorenlijst ook advies VSO over benchmark VNG.

Op deze indicatorenlijst staan drie nieuwe indicatoren. Zijn deze ook voor de Meetlat interessant?

o         beste woongemeente en gemiddelde woninggrootte: Imke achterhaalt bron en indicatoren

o         Een nieuwe indicator die toegevoegd kan worden aan de Meetlat is verhuisgeneigdheid.

 

Lucienne vindt de mutatiegraad interessant om op te nemen in de Meetlat. Dit thema leeft heel erg namelijk en Aedes heeft dergelijke cijfers. Imke gaat uitzoeken of deze cijfers er zijn per gemeente.

 

Werk en Inkomen

Hans meldt het volgende over de beroepsbevolking

o         Inkomensgegevens van het RIO 2002 zijn binnenkort beschikbaar.

o         Cijfers van de EBB 2003 zijn beschikbaar, dus deze kunnen geactualiseerd worden.

o         Cijfers van het UWV over het aandeel WW-ers van eind 2003 zijn beschikbaar.

o         Voor het aantal NWW-ers zijn er cijfers per 1-1-2004.

o         Wat betreft de vacatures is het of schrappen of de cijfers van het CWI gebruiken. De cijfers van het CWI zijn onvolledig, maar wel vergelijkbaar. Hans doet een voorstel in het handboek.

 

Indexen

o         Sociaal-economische index en aantrekkelijkheidsindex: De Atlas voor Gemeenten vraagt geld voor de cijfers. Mede vanwege de hoogte van het bedrag, is het VSO-bestuur niet bereid hiervoor te betalen. In het handboek worden de beperkingen opgenomen van deze zachte indicatoren en op de website wordt ook een opmerking opgenomen.

o         Ook de waarde van het kengetal van de volgende indicatoren wordt in het Handboek opgenomen: Economische Vitaliteit en beste woongemeente (Wonen).

 

Bedrijven

o         Kees gaat de Cdrom bestellen van Etin, cijfers 2004

o         Kamer van Koophandel: deze cijfers moeten gekocht worden voor 1800 euro. Wel of niet kopen? In de G30 zijn al cijfers over startende ondernemers beschikbaar. Cees neemt contact op met de KvK over de kosten.

o         VGM- enquête: een stagiair is bezig met het optellen van de gegevens

o         Zadelhoff: dit zijn gratis gegevens. Hans stuurt deze gegevens op aan Cees.

o         Bak: twijfels aan de betrouwbaarheid, niet als cijfer meer opnemen

o         Locatus: Kees gaat het Handboek Retail bestellen en indexen opnemen.

 

 

Onderwijs

o         Studenten HBO: cijfers zijn binnen

o         Studenten Universiteiten: cijfers nog niet binnen, duurt iets langer

o         Percentage hoogopgeleiden: cijfers voor 2003 zijn beschikbaar

o         Een nieuw toe te voegen item kan zijn: Voortijdig School Verlaten. Age gaat achterhalen of hier cijfers van zijn. (GSB indicator, GOA of Oberon).

 

Cultuur en vrije tijd

Zie voor de indicatorenlijst ook advies VSO over benchmark VNG.

o         Ouderdom van de steden : cijfers zijn niet betrouwbaar. Voor de VNG niet opnemen, voor de Meetlat opnemen in handboek (?).

o         Motivaction heeft cijfers over cultuurparticipatie, alleen nemen niet veel steden deel. Wel of niet opnemen in de Meetlat?

o         Het percentage sporters opnemen van de RSO, niet POLS

o         Bedrijfschap Horeca: Cees levert deze cijfers aan Nelleke

o         Kees neemt ook contact op met LISA over het aandeel banen in toerisme/recreatie

o         Is het aantal hotelovernachtingen een leuke indicator voor de Meetlat? Deze cijfers zijn alleen beschikbaar voor de G4, er is geen groot databestand.

 

Gezien de tijd worden eerst de VNG onderwerpen behandeld.

 

Milieu

Zijn er nog andere indicatoren die voor de VNG benchmark interessant zijn? Lucienne noemt energie. Sinds de liberalisering zijn deze cijfers echter moeilijk te krijgen.  Lucienne zegt dat het misschien een optie is om cijfers centraal te regelen? De VSO kan een signaal geven richting VROM.

Peter mist het niet te recyclen afval. Lucienne noemt de luchtkwaliteit volgens EU richtlijnen als indicator. Egbert noemt het RIVM als belangrijke informatiebron, deze cijfers zijn echter moeilijk te achterhalen als gemeente. Hans neemt de suggesties van de Meetlat mee.

 

Volksgezondheid

Lucienne noemt het percentage zelfstandig wonende 65 plussers als indicator. Apeldoorn presenteert deze cijfers ook. Hans informeert of deze cijfers bij het CBS beschikbaar zijn.

De vraag en aanbod van het aantal plaatsen in de kinderopvang kan nog interessant zijn. Age noemt nog gezonde leefstijl als indicator. De cijfers van de GGD zijn echter onbetrouwbaar. De GGD is wel momenteel bezig met ontwikkelen van standaarden.

 

Ruimtelijke Ordening

Ruimtelijk Ordening heeft veel raakvlakken met wonen en wonen is al aan de orde geweest.

 

Hans werkt de suggesties van de Meetlatleden over de indicatoren verder uit en levert de aangepaste lijst aan als VSO advies aan Nancy Bakker op 19 april.

 

 

4. Datavos

Na de lunch geeft Marc van Acht een toelichting op Datavos, een systeem om meetlatgegevens sneller om te zetten in webinfo.

 

De vraag waarvoor Meetlat en VSO zich gesteld zien is of Meetlat over twee jaar nog wel bestaat en zo ja, of er nog wel plaats is voor een eigen website, naast de website die de VNG gaat ontwikkelen.

De werkgroep zelf denkt dat dat zeker nog het geval zal zijn.

Zeker wat betreft de 2e en 3e doelstelling van Meetlat: er blijft altijd behoefte bestaan aan professionele methodologische en inhoudelijke advisering over kengetallen en benchmarks.

Maar ook wat betreft het zelf presenteren van kengetallen, zoals nu op de website van VSO, zal waarschijnlijk behoefte blijven bestaan, zodra de website van VNG operationeel is.

De VNG-website is veel groter en complexer van opzet: veel meer (alle?) gemeenten; meer kengetallen; veel meer jaren en veel meer functionaliteiten. Dit heeft weer als nadeel dat het voor de gebruiker minder toegankelijk is, omdat er een aantal selecties moeten worden gemaakt voordat de gewenste tabel kan worden getoond.

 

Marc noemt 2 grote voordelen voor de VSO op maat gemaakte Datavos:

1. meer mogelijkheden voor gebruiker van de VSO-site bij het onderdeel "stedenvergelijking"

2. Enorme tijdsbesparing voor Nelleke voor het onderhoud, opmaken en plaatsen van tabellen en grafieken voor stedenvergelijking op de VSO-site.=> dit pakket verdient zich binnen korte tijd weer terug

Functionaliteit voor de bezoekers:

 - opvragen van standaardtabellen met bijbehorende grafieken (zoals op de huidige website)

 - extra: mogelijkheid om informatie over 50.000+-steden toe te voegen aan de standaardtabel en grafiek

 - extra: gegevens uit tabel (titel, data, bron en toelichting) kunnen worden gedownload in een excel-bestand

 - standaard worden gegevens uit laatste jaar getoond; extra: mogelijkheid om eventueel gegevens van extra jaren ook te tonen

 - alle stedenvergelijkingen doorzoekbaar op trefwoord

 - evt. mogelijkheid om gegevens in tabel te percenteren en om te rekenen naar indexcijfers

- filteren op steden met een inwonertal dat groter is dan een vrij in te

voeren waarde

- handmatig selecteren van de steden die je in één tabel/grafiek wilt tonen

 

Functionaliteit voor beheerder:

 - onderhoud van alle tabellen en bijbehorende informatie (titels, bronnen,

toelichtingen)

 - automatisch gegenereerde grafieken; grafieken hoeven dus niet meer 'met de hand' gemaakt te worden

 - mogelijkheid om bij een onderwerp gegevens over meerdere jaren op te slaan en zo de ontwikkeling in een jaarreeks bij te houden

 - handig archief van alle data in één centrale database

 - exporteren van alle gegevens voor evt. publicatie op papier

 

Afgesproken wordt dat Marc contact opneemt met Tremani over de extra functionaliteit (handmatig selecteren van de steden die je in één tabel/grafiek wilt tonen). Deze wordt dan nog in de offerte opgenomen. Marc maakt samen met Ben een voorstel voor het bestuur die 18 april vergaderen.

 

5. Advies Meetlat over Benchmark VGS

De VGS start binnenkort met twee pilots bij een aantal gemeenten: een enquête over gemeentelijke dienstverlening en een enquête over het imago van de gemeente.  De VGS wil hierover graag een advies van de werkgroep Meetlat. Aanwezig is Eric Verkaar (PON) namens de VGS. Hij geeft een toelichting op het initiatief.

Zie hiervoor hieronder het door Eric Verkaar gemaakte verslag

VERSLAG VSO MEETLAT BIJEENKOMST VGS INITIATIEF STAAT VAN DE GEMEENTE

14 april 2005, Amersfoort 14.00 16.00 uur

(verslag Eric Verkaar, PON)

 

Tijdens deze bijeenkomst is door mij het VGS initiatief toegelicht. Eerst is uitgebreid gesproken over de achtergronden en (politieke) doelen van dit initiatief. Daarnaast is ingegaan op enerzijds de burgervragenlijst als anderzijds de vragenlijst loket/dienstverleningsvragen.

 

De achtergronden van het initiatief

·          Over het algemeen genomen zijn de aanwezigen positief over het idee van benchmarken. De betrokkenen houden zich hier in de VSO werkgroep de meetlat al langer mee bezig en beseffen langzamerhand dat zij slechts een deel van de gemeenten in Nederland vertegenwoordigen.

·          Ben van de Burgwal geeft weer dat hij toch veel negatieve kritiek heeft gehad op het VGS initiatief: een aantal onderzoekers uit grotere gemeenten zien er niet in: ze doen al zo veel. Ben heeft het idee dat hoewel de opkomst vandaag er groot is de sceptici met name thuis gebleven zijn.

·          De aanwezigen pleiten voor het aansluiten bij bestaande benchmarkinitiatieven: de VNG initiatieven (www.watdoetjegemeente.nl en de benchmark publiekszaken die door het NIPO wordt uitgevoerd in opdracht van de VNG.

·          Iedereen beseft dat met name op het gebied van de burgervragen een landelijke standaard ontbreekt en dat veel gemeenten hier helemaal niet aan doen. er zijn wel standaards, zoals L+V-monitor, maar de uitkomsten zijn niet altijd 1 op 1 vergelijkbaar door verschillende methode (en soms afwijkende vraagstelling). NB steeds meer - ook niet GSB-gemeenten passen dit instrument toe

·          Voor de publieksdienstverlening ligt dit ingewikkelder omdat op ditr moment zo?n 60 gemeenten meewerken aan de benchmark publiekszaken van de VNG en NIPO (zie verder).

·          Veel aanwezigen hechten wel belang om burgers ook uitgebreid te kunnen ondervragen, zoals in veel grotere gemeenten nu de praktijk is. Ze beseffen wel dat een monitor op hoofdlijnen ook zijn waarde, met name voor kleinere gemeenten.

·          Iedereen hecht veel belang aan het vrijwillig kunnen meedoen of kunnen weigeren mee te doen. Anderzijds beseft men dat als er op termijn veel gemeenten mee gaan doen, men wel mee moet doen, vanwege bestuurlijke druk die dan gaat ontstaan.

·          De aanwezigen snappen dat het VGS initiatief ontstaan is vanuit de gedachte van 'verantwoording' en 'transparantie' maar hebben hier zelf weinig affiniteit mee: zij zien meer in van elkaar leren. Dat zijn overigens beide doelen die m.i. prima samen kunnen gaan.

·          de netto respons is waarschijnlijk te klein om de resultaten uit te splitsen naar achtergrondvars. Dat betekent dat ze alleen nodig zijn voor weging. In dat geval zou je nog meer vragen kunnen schrappen.

 

De testfase

·          Veel aanwezigen hebben een aantal meer praktische bezwaren:

o         Op dit moment vindt er in veel gemeenten (bij toeval) al veel veldwerk plaats

o         Een extra steekproef kan tot overbelasting van de burgers leiden: het is veel werk voor de onderzoeksafdelingen steekproeven te ontdubbelen (er voor te zorgen dat mensen niet twee keer ondervraagd worden voor verschillende onderzoeken van de gemeente)

o         Alle onderzoeksafdelingen voelen zich overbelast en moeten vaak al personeel inleveren.

o         Het allerbelangrijkste bezwaar is dat als over dezelfde onderwerpen in een gemeente nieuwe maar andere cijfers worden verzameld, dit bijna niet uit te leggen is aan bestuurders, laat staan aan burgers.

·          De aanwezigen begrijpen dat de testfase aan een strak tijdsschema is gebonden. Ze snappen ook dat de definitieve standaardvragen ook na de testfase kunnen worden aangepast.

·          Iedereen beseft dat elke onderzoeker weer andere vragen maakt en dat dus nooit iedereen gelukkig te maken is met de standaardvragenlijst. Er is (uiteraard) ook onderling veel (stil) commentaar op elkaars vragenlijsten en verschillen in aanpak van onderzoek. De meeste aanwezigen snappen dan ook dat de testfase in principe gewoon door gaat, ook al doen een aantal gemeenten niet mee en ook zal is de discussie over het instrument zelf nog niet verstomd.

 

De burgervragen

·          De opmerkingen van vorige week donderdag worden onderschreven. Vooral aansluiting bij de GSB LV vragen en letterlijke opname vragen politiemonitor.

·          Een aantal extra suggesties worden nog gedaan en worden verwerkt.

·          Eigenlijk is er bij de aanwezige in essentie niet zo veel commentaar al wordt met name de vraag over het beeld van de burger over het bestuur lastig gevonden. Iedereen neemt dergelijke vragen op, maar iedereen doet het anders. Men is het eens met de conclusies van vorige week dat het vooral om een soort van ?imago? vragen gaat.

·          Men beseft dat er uiteindelijk knopen moeten worden doorgehakt. Laat de testfase maar uitwijzen wat deze vragen straks aan informatie gaan opleveren.

·          De achtergrondvragen zijn uitgebreid. Is werksituatie wel nodig? Leeftijd, geslacht, etniciteit, inkomen en opleiding zijn belangrijk. Zijn deze achtergrondvragen gelijk aan de gulden standaard van MOA? Dan heb je ook een bestand om naar te herwegen?

 

De loket- en dienstverleningsvragen

·          Men onderschrijft de conclusie van vorige week dat de vragen over brieven, e-mail en telefoon weggelaten dienen te worden. Dat levert te weinig betrouwbare informatie op omdat zowel bij de loketsteekproef als bij de burgersteekproef er te weinig respondenten zullen zijn die deze contactvormen zullen hebben gehad.

·          Hier ligt de hele principiële vraag voor of niet beter kan worden gewacht op de benchmark publiekszaken, hoewel een aantal aanwezigen niet gelukkig is met deze vragen een aanpak. Sommigen vinden de door het PON voorgestelde aanpak beter. Er worden een aantal scenario's geschetst:

o         Neem deze vragen helemaal niet mee in de testfase. Op dit moment doen 60 gemeenten mee aan de benchmark publiekszaken en dat is op zich al een brede benchmark. Als het VGS initiatief breed ondersteund wordt, kan dit volgend jaar of in de tweede ronde nog dit jaar (oktober/november) aan de VNG/NIPO pilot worden gekoppeld. De benchmark Publiekszaken wordt niet in het najaar gehouden, maar pas weer in april '06.

o         Het is ook mogelijk de aanpak en vragen van VNG / NIPO te kopiëren: er is dan meteen as een standaard die vergelijkbaar is en breed is getest. Alleen het moment van meten is dan verschillend. Probleem is wel dat niet duidelijk is of VNG/NIPO een kopie van hun aanpak toestaan.

o         Ga door op het oude spoor en laat zien wat de uitkomsten van de huidige voorgestelde VGS methode zijn. Eventueel later kan de VGS methode loketvragen worden ingeruild voor de VNG/NIPO methode (of andersom).

·          Het verschil tussen beiden aanpakken:

o         De vragen die door het PON zijn gehaald uit andere onderzoeken zitten beter in elkaar dan die van VNG/NIPO: korter, simpeler, duidelijker en bijvoorbeeld geen rapportcijfers (betrouwbaarder meten).

o         Het PON maakt onderscheid tussen meerdere loketten: grotere steekproef, meerdere waarnemingen, betrouwbaardere uitspraken over een groter domein (wonen, inkomen, zorg, burgerzaken).

o         Het NIPO werkt met mondelinge enquêteurs. Dat wordt wel een goede aanpak gevonden (hogere respons) maar is wel duurder.

 

 

Afspraken

·          Ben van de Burgwal maakt een advies voor het VSO bestuur. Dit advies zal positief staan t.o.v. zowel de VNG als de VGS benchmarks, maar wijst op de volgende punten:

o         Voor grotere gemeenten is het VGS initiatief minder zinvol omdat het een extra inspanning is die niet echt iets inhoudelijks toevoegt (de informatie is er al)

o         De burgervragenlijst wordt eigenlijk de belangrijkste inhoudelijke toevoeging gevonden, met name voor kleinere gemeenten die nog geen standaard onderzoek doen. Men ziet ook meerwaarde in de vragen over het imago van het bestuuur, de gemeentelijke regelgeving en de rol als belastingbetaler. De publieksvragen zijn feitelijk een soort dubbeling met de VNG / NIPO benchmark publiekszaken. De objectieve indicatoren zijn onderdeel van het VNG initiatief www.watdoetjegemeente.nl.

·          Ik mail via de VSO de laatste concepten en verwerkingen van opmerkingen volgende week rond. Iedereen die dat wil kan zijn laatste commentaar dan nog melden.

 

Afgesproken wordt dat ieder werkgroeplid voor 27 mei aan Nelleke alle cijfers aanlevert.

De volgende vergadering is gepland in Amersfoort op 9 juni om 10.15.

 

naar boven ^